Klik hier voor de homepagina

Naar pagina 9

 

 

 

 

 

 

 

 

Het water wint

Als het water samenspant met de wind,
die is aangewakkerd tot een zware storm.
Dan gaat de zee door het lint
de gevolgen zijn enorm.

Door woeste huizenhoge golven
worden zelfs schepen soms bedolven.
De kracht van `t water is zo groot,
veel zeelui vinden dan de dood.

De golven beuken dan met geweld
tegen de dijken en de duinen.
Het is de noodklok die dan belt,
om het gevaar rond te bazuinen.

Als de dijken de kracht van `t water niet weerstaan
zal `t land erachter ten onder gaan
en terwijl men de noodklok luid
herneemt het water `t land als buit.

De mens in dit geheel
is machteloos en krijgt zijn deel.
Wat in de loop der jaren is opgebouwd,
daarom wordt dan zwaar gerouwd.

Veel mensenlevens gaan verloren
het vee de huizen en het koren.
Als dan de noodklok zelfs zwijgt
doordat `t water er vat op krijgt.

Dan wordt men door angst beklemd.
Er is niemand die wind en water temt
en heel devoot,
werpt men dan de handen in de schoot.

De kracht van `t water kent geen grens,
zij wint het steeds weer van de mens.
Ook al maakt men de dijken nog zo zwaar
toch blijft het water een groot gevaar.

Dd  J.

 

 

tussenvoegsel


 

 

Winter in Holland

 
 
Sinister daalde de duisternis neer
over het dichtgevroren IJsselmeer.
Die na een periode van strenge vorst
bestond uit een onafzienbare ijzige korst.
 
Schaatsers en ijszeilers
konden zich uitleven;
zelfs onder `t gewicht  van auto`s
had het ijs het niet begeven.
 
Voor de scheepvaart was het IJsselmeer
ten langen leste
een onneembare veste;
al probeerden ijsbrekers het keer op keer.
 
Steeds als de nachtelijke duisternis verdween
en een winterzon het ijs bescheen
bood het IJsselmeer als geheel
ons een echt Hollands tafereel.
 
Maar nu, na vele mooie dagen
is het weer ijlings omgeslagen.
Een stormachtige noordwester is opgestoken
waardoor de ijsplaat wordt gebroken.
 
Door de stormachtige wind die de golven duwt
worden de schurende schotsen hoog opgestuwd.
De wereld ziet grauw en grijs
 donkere wolken kruien boven `t kruiend ijs.
 
Krakend buldert het IJsselmeer.
Hiertegen heeft de mensheid weer geen verweer,
terwijl zij in angstige berusting wacht
bidt zij vurig tot een hogere macht.
Dd  J. 

 

tussenvoegsel

 

 

De draaideur der natuur 

De Grote of Stille oceaan

Kalm maar aangedaan
blik ik over de Indische oceaan.
Om mij heen
is alles zeer sereen.
 
Een oceaan zo glad als een laken,
met alleen deze rots als baken.
Die alle geweld kon weerstaan.
Zelfs van een woeste oceaan.
 
Meeuwen scheren over `t water,
of stijgen op met zacht geklater.
In deze rust hier om mij heen
denk ik terug aan het geween.
 
Aan de doodsstrijd die velen voerden.
Aan de tsunamigolven die hen ontvoerden.
Medogenloos hadden zij toegeslagen,
met een kracht waarin zij niets en niemand ontzagen.
 
Tsunamigolven zo hoog als huizen,
die alles deden vergruizen.
Die golven bedolven met grote kracht;
de witte stranden van smaragd 
 
Geen mens was tegen hen bestand.
Wie, oh wie had hierin toch de hand?
Is dit de draaideur der natuur
wars van enige menselijke dressuur?
 
Moeten wij mensen steeds weer leren
de natuur als grootmacht te accepteren?
 Geen deltawerk is tegen haar bestand,
als zij zich stort op mens en land.
 
Weer heeft de oceaan zichzelf getemd
en is alles door een serene rust omklemd.
Goudgeel glinsterend door het avondrood.
Mijn ontzag voor haar, is onmeetbaar groot.
Dd   J.

 

tussenvoegsel

 

 

Golven.
 Het einde van zijn reis
O golven van de zee,
gij vliedt met wind en stroming mee.
Van ver achter de horizon,
daar was het dat uw reis begon.
 
Steeds wordt uw watermassa opgestuwd,
dan weer naar grote diepte neergeduwd.
Uw oneindig spel met stormen
doet u alsmaar weer vervormen.
 
Van waar bent u toch gekomen
met uw afschrikwekkende fantomen?
Menig zeeman verloor in u zijn strijd
en ging onvoorbereid.
 
Zelfs schepen als kastelen
moest de mens aan u verspelen.
Meeuwen krijsen hoog boven uw kruin;
ik bezie uw spel van af een duin.
 
Wanneer de wind u naar het land toe blaast
en u woest beukend op het strand belandt,
 dan bent u eindelijk  uitgeraasd
en eindigt uw reis in het rulle zand.     

Dd  J.

 

 

tussenvoegsel

 

De Bibliotheek Hoogeveen heeft in het kader van Gedichten op opstraat; op 55 winkelruiten in het centrum van Hoogeveen fragmenten
van gedichten aangebracht. Nederlandse gedichten, Drentse gedichten en natuurlijk gedichten van Laat je horen. Dichtkunst in Drenthe.
Mijn gedicht "Golven" is hier voor ook uit gekozen. Hier onder ziet u de etalage van Foto Kado De Bruine Beer
Met daarop het fragment van mijn gedicht.

 

                                                                             Golven                                                                           

 

 

 

tussenvoegsel

 

 

 

Als wind en golven
Voor de wind over de golven haa de Sad Amsterdam                                                                       
De golven en de wind
die men op zee steeds samen vindt
zijn pas in hun element
als hun uitwerking zijn weerga niet kent.

Zo spelen zij samen hun spel
maken oceanen soms tot een hel
waartegen niets en niemand is bestand
de machten der natuur zijn dan ontbrand.

De wind blaast dan met grote kracht
en geeft de golven hun tomeloze macht
zij worden tot grote hoogten opgestuwd
om pas te kalmeren als de wind weer luwt.

Maar als wind en golven zijn bedaard
gaat dit met een weidse rust gepaard
van een zacht kabbelend water
en rusteloos vogelgesnater.

Door het panorama dat zich dan ontrolt
als de wind de zeilen niet meer bolt
en de zon de zee verguldt
welt `t ontzag waarmee men is vervuld.
Dd
 J.

 

 

tussenvoegsel

 

 

 

                                                          

 

Zuiderzee

 

Zuiderzee wat ging jij ooit tekeer
alvorens je getemd werd tot `t IJsselmeer.
Ooit was jouw water vermengd met oceanen
bevaren door schepen met vreemde vanen.

Bij harde Noord-Westenwind
maakte jij jou niet bemind.
Menig zeeman vond in jou zijn graf
als zijn schip het door jou geweld begaf.

De vissersvrouwen van Volendam
vouwden dan hun handen klam
als zij voor hun betraande ogen
jou geweld moesten gedogen.

Toen werd besloten door het Rijk
jou te temmen met een afsluitdijk.
Die kolkende Zuiderzee, die is nu niet meer
je bent verandert in het IJsselmeer.

Ja zelfs je kabbelend water werd verstomd
daar waar je plaatselijk werd leeg gepompt
men maakte daar van jou een polder
daar bewaard nu de boer zijn hooi op zolder.

Waar eens galjoenen voeren van deze Natie
is nu nog slechts wat water voor recreatie.
Zuiderzee zo veel bezongen
werd uiteindelijk door de mens bedwongen.
Dd  
J.

 

 

tussenvoegsel

 

 

 

De vissersvrouw
Waar zal hij zijn 
Daar op de top van een duin
staat zij in haar zwarte dracht.
Het witte kapje zo strak om haar kruin
dat het haar hindert wanneer zij lacht.
 
Doch het lachen is haar reeds lang vergaan.
Reeds weken ziet men haar daar staan
met haar handen heel devoot
gevouwen in haar schoot.
 
Een schoot gevuld met leven
van het ongeboren kind
maar dat is haar nu om het even
zij wacht op hem die zij bemint.
 
Zij staat daar maar te turen
en bid dan alle uren.
Haar beden geeft zij mee
aan de golven van de zee.
 
Hoe lang kan zij nog blijven hopen
de andere loggers zijn allemaal binnen gelopen.
De zee geeft haar het antwoord niet.
Er komt geen eind aan haar verdriet.
 
De meeuwen zweven op de wind.
Zij wacht op hem die zij bemint.
De golven slaan stuk op het strand,
terwijl zij het leven voelt onder haar hand.
 
Zo staat zij daar hoog op een duin
haar kapje strak om haar kruin
haar blik strak op de zee gericht
met een betraand gezicht.
 
De meeuwen vliegen krijsend rond
zij staat daar vastgenageld aan de grond
dan voelt zij onder haar handen
het nieuwe leven branden.
 
Zij raapt zich dan bij een
en gaat naar huis zo heel alleen
het is nu eenmaal zo bepaald
de vis die wordt duur betaald.
             Dd  J.

 

 

tussenvoegsel

 

 

 

Herfst stormen

De dijkbewaker                                        
Als herfststormen woeden
langs Neerlands duinenrij
is de mens steeds op zijn hoede
voor breuk of averij.
 
Zij moeten dan waken
voor ieders wel en wee
dat de dijken niet geraken
tot prooien van de zee.
 
Als de golven daar op beuken
terwijl het water wast
dan gaan de handen jeuken
maar is men niet verrast.
 

Ondsank dat hij de gevaren kent
en aan de risico's is gewend
zal de mens steeds moeten gedogen
dat de zee geen grenzen kent.

  Dd  J.

 

Ondanks dijkbewaking

 





tussenvoegsel




   
Wind en water
 
  
Als de wind ruzie maakt met `t water
dan volgt de storm niet veel later.
Hoog en woest spat het water dan op;
besproeit de wind dan met haar sop.

Doch hier kan de wind wel tegen
en blaast het terug in de vorm van regen.
De oceaan; een vlakke plas,
veranderd dan heel ras.

In een ijzingwekkende beeltenis
van angstaanjagende woeste golven van ergernis
steeds probeert het hoger te springen
in de hoop de wind te bedwingen.

Argeloos voor de gevolgen
welt zij dan heel verbolgen.
Soms wordt hun ruzie zo groot
dan geraken zelfs zeekastelen in nood.

Verwoestend belagen zij elkaar
en brengen mensen en schepen in gevaar.
Doch dat zal hen niet deren
wanneer zij zich tegen elkander keren.

Maar als zij hun vete hebben uitgepraat
en de wind dan eindelijk liggen gaat.
Komt er een eind aan dit natuurgeweld.
De rust is dan weer snel hersteld.

Wanneer wind en water weer in vrede samen gaan;
dan wordt het sinister stil op de oceaan
en bij zulk een rustig weer;
veranderd de oceaan in een Paradijselijk meer.

Dd  J.

 

 

tussenvoegsel

 

 

terug naar boven

Deze pagina is voor het laatst bijgewerkt
woensdag  03  mei  2017